De kunst van het weglaten

21 december 2014

Vandaag ga ik naar Winters Binnen. Een driedaags festival met theater, muziek en verhalen in Amsterdam-Noord. Omdat het de vijfde editie is pakken ze groot uit en hebben ze dit jaar maar liefst vier festivalharten. Als ik op Google Maps zie hoe ver de harten uit elkaar liggen, ben ik heel blij dat ik met de fiets ben.

Winters Binnen, festivalharten

Blues in Boxes nr.3/12

Als eerste ga ik naar Blues in Boxes nr. 3/12 bij festivalhart Spreeuwenpark. Bij aankomst is het hart verlaten. Het ziet er een beetje treurig uit. Gelukkig druppelen er nog wat bezoekers binnen en hoef ik niet alleen naar de voorstelling.

blues in boxes, Winters Binnen

Blues in Boxes nr. 3/12, geschreven door Anna van der Kruis, is een mix tussen een hoorspel en een mime-voorstelling. Als het publiek binnenkomt, worden we verdeeld over de bankjes aan weerszijden van de container. ‘Als je samen bent gekomen, is het leuk om allebei aan een andere kant te gaan zitten’, instrueert Anna ons.

Via mijn koptelefoon hoor ik een man in gebroken Nederlands over zijn leven en zijn relatie met ‘de vrouw’ vertellen. In het hele stuk noemt hij niet één keer haar naam. Het maakt hun verhouding afstandelijk. Ondertussen spelen de acteurs in de container een woordeloze voorstelling. Ze draaien om elkaar heen, spelen blindemannetje, trekken elkaar aan en stoten elkaar weer af.

Blues in Boxes, Winters Binnen

Als de voorstelling is afgelopen, krijg ik een stempel. ‘Hij’ staat er op mijn hand. Nu snap ik waarom het leuk was om tegenover elkaar te zitten. Beide kanten hebben een ander verhaal gehoord. Dat van hem of dat van haar. Meteen ben ik nieuwsgierig naar het verhaal van de vrouw. Is in haar verhaal dezelfde afstand te voelen? Welke momenten overlappen?

Blues in Boxes, zijn verhaal, Winters Binnen

De volgende voorstelling op het programma is op Het Zonneplein. Ik stap weer op de fiets. Tijdens mijn tocht van ruim een kwartier – waarbij ik minimaal drie keer heb gekeken of ik nog wel goed reed, en het antwoord steeds ‘nee’ was – zie ik stukken Amsterdam die ik nog nooit heb gezien. Als ik eindelijk mijn bestemming bereik, zie ik wel een bekend beeld: een verlaten plein. Ook hier zijn bijna geen festivalgangers te ontdekken.

De Canta Fluisterverhalen

Bij De Canta Fluisterverhalen staat een man in een overall naar ons te roepen. Als een marktkoopman probeert hij ons te ronselen om mee te doen. ‘Drie mensen nodig, nog drie mensen nodig!’ Ik meld me aan en krijg meteen een kop thee in m’n handen gedrukt.

Aan het meisje dat me mijn thee overhandigt, vraag ik wat precies de bedoeling is. ‘Het is een doorfluisterverhaal. Dus de schrijfster gaat naast iemand in de Canta zitten en vertelt diegene een verhaal. Vervolgens schuift deze persoon op naar de bijrijdersstoel en vertelt het verhaal aan de volgende chauffeur. Uiteindelijk kijken we wat er van het verhaal is over gebleven en vertelt de schrijfster nog een keer het originele verhaal. Het luisteren en rijden tegelijk zorgt voor een extra moeilijkheidsgraad.’

Canta Fluisterverhalen, Winters Binnen

Als het mijn beurt is, neem ik plaats in de Canta. Ik kan net bij het stuur – of eigenlijk kan ik er net niet bij, maar goed: alles voor de kunst. Verder heeft de hond rechts in de hoek op de foto een enorme doodswens en springt steeds voor Canta. Die extra moeilijkheidsgraad is dus wel aanwezig. Ik luister naar een verhaal over een roze biggetje dat de hoofdpersoon beschermt tegen eenzaamheid.

Het experiment is leuk bedacht, maar het werkt niet echt. Het verhaal is bij de tweede bocht al verteld. Ook ben ik totaal niet meer bezig met het literaire gedeelte van het verhaal. Ik herhaal de zinnen mechanisch, gefocust op de opdracht die ik heb gekregen. Uiteindelijk gaat het niet verder dan een normaal fluisterverhaal op de basisschool. Misschien had het beter gewerkt als het een echt wedstrijdelement had gehad. Als we in twee literaire teams tegen elkaar moesten strijden. Of als het wedstrijdelement helemaal was weggelaten en we een verhaal te horen kregen waarbij het ’op meer dingen tegelijk moeten letten’ een meerwaarde had voor de ervaring van het verhaal.

De ZMOK veteraren, Winters Binnen

De opkomst en ondergang van de ZMOK-veteranen

Nadat ik me ervan heb verzekerd dat de hond nog leeft, ga ik naar De ZMOK-veteranen. Een voorstelling die in een andere variant al te zien was op het festival Over ’t IJ. De voorstelling is geschreven door Iona Daniels en Rineke Roosenboom. Beide theaterschrijvers van beroep. Ook de andere spelers, Sander Buesink en Tommy Ventevogel, zijn  van oorsprong  schrijver.

De voorstelling van de ZMOK-veteranen gaat over een viertal dat elkaar ooit heeft ontmoet op een kamp voor zeer moeilijk opvoedbare kinderen en sindsdien de wereld hebben veroverd als band. Maar zijn ze bereid de prijs voor hun succes te betalen?

De ZMOK veteranen, Winters Binnen

De tekst van de voorstelling is krachtig, rauw, poëtisch en grappig. Ze spelen  vol overgave en zonder opsmuk. Ook erg fijn is het feit dat de muziek behalve functioneel ook gewoon goed is. Het enige minpuntje is dat door het krachtige spel van de dames, de heren soms een beetje als versiering  (voor de voorstelling) voelen.

De kunst van het weglaten

De ambitie van Winters Binnen om het dit jaar groots aan te pakken en vier festivalharten te creëren, heeft slecht uitgepakt. Ik snap de overweging, want: hoe meer plekken, hoe meer er geprogrammeerd kan worden en hoe meer kunstenaars de kans krijgen om hun werk te tonen. Maar als je dat werk dan vervolgens toont aan een publiek van vijf man in plaats van de 75 die er in de zaal passen, schiet het niet op. Omdat de harten zo ver uit elkaar liggen, ga je niet snel naar een ander hart om te kijken wat er daar gebeurt. Je gaat naar de voorstelling die je hebt uitgekozen, kijkt nog even rond op een plein dat niet direct uitnodigt tot blijven en gaat dan maar weer naar huis. Zonde, want er zijn genoeg goeie voorstellingen te zien.

Eigenlijk heeft Winters Binnen alle ingrediënten: enthousiaste en jonge makers, prijzen die uitnodigen om meer te gaan zien en een gevarieerd programma. Maar hun eigen enthousiasme heeft het ze dit jaar moeilijk gemaakt. Hopelijk is het een les voor volgend jaar en is het festival dan wat meer gecentreerd.

One Response to De kunst van het weglaten

  1. […] gaan meteen door naar het interview met Iona Daniel, onder andere bekend van De ZMOK-Veteranen en winnares van de IT’S Playwriting Award 2012, welke ze won voor haar stuk De Nachtbloeiers. […]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Marjolijn van den Berg

Marjolijn van den Berg (1989) is in 2013 afgestudeerd aan de opleiding Writing for Performance aan de HKU. Als recent afgestudeerd schrijfster weet ze hoe moeilijk het kan zijn om nieuw werk onder de aandacht te brengen. In Lood ziet ze een platform met een oprechte betrokkenheid bij een nieuwe generatie en daar wil ze graag aan bijdragen. Marjolijn probeert bij Lood o.a. de brug te slaan tussen theater en literatuur.

E-mail Marjolijn

Lees meer:

Hanya Yanagihara

Hanya Yanagihara bij BorderKitchen: ‘Ik wist dat mijn boek niet saai zou zijn’

Rosalinde Markus

‘Dit is je eerste bezoek aan Nederland, toch?’ vraagt interviewer Arjan Peters aan auteur Hanya Yanagihara. ‘Yes,’ antwoordt ze, ‘so don’t disappoint me.’ Het is druk in Theater aan het Spui bij het literaire programma van BorderKitchen. Iedereen is benieuwd naar de auteur achter de succesvolle roman A little life, in het Nederlands vertaald als Een klein leven.

De Jonge Schrijversavond

De Jonge Schrijversavond: een waardig afscheid

Margot de Sera

De Jonge Schrijversavond, de zevende en laatste editie van een serie energieke literaire avonden over jonge schrijvers. Het gemist, of gewoon even je geheugen opfrissen en nagenieten? Lees vooral met Lood mee.