< Terug

Eelco Rommes: ‘De beste schrijvers zijn streng voor zichzelf’

28 september 2016

Ieder jaar krijgen talentvolle jonge schrijvers de kans om een kort verhaal in te sturen voor de Grote Lowlands Schrijfwedstrijd. De winnaar krijgt een voordracht op Lowlands, een schrijfmasterclass, een gesprek bij uitgeverij Nijgh & Van Ditmar en publicatie in nrc.next. Wie zijn deze jonge schrijvers? Wij interviewden Eelco Rommes, één van de schrijvers die de longlist bereikte.

Eelco Rommes (1976, Bleiswijk) schreef de roman Saladedagen. Hij werkt nu aan een tweede roman en aan korte verhalen. Hij is getrouwd, heeft drie kinderen en hij woont in Zeist. Hij verdient de kost als IT-adviseur en dat bevalt hem prima. Nieuwsgierig? Volg Eelco op Twitter of lees meer van hem op zijn website.

Wanneer ben je begonnen met schrijven?
Als jongetje was ik groot fan van Annie M.G. Schmidt. Nog steeds, eigenlijk. Ik kon niet wachten om te leren lezen en schrijven. Ik geloof dat ik al gedichtjes over giraffen en draken verzon voordat ik alle letters kende.

Waarom deed je mee aan de Grote Lowlands Schrijfwedstrijd?
Er zijn niet zo veel goede schrijfwedstrijden. De meeste lijken te worden bedacht door mensen die zelf geen idee hebben wat het is om een verhaal te schrijven. ‘Schrijf in maximaal 500 woorden over je grootste nachtmerrie en gebruik het woord geharrewar.’ De Lowlandswedstrijd is prima, met een serieuze jury en een vrije opdracht. Geen gedoe met vergezochte thema’s, maar gewoon: schrijf een goed verhaal. Een probleem was wel dat ik de wedstrijd pas ontdekte op de dag van de deadline. Ik heb tot half twaalf zitten ploeteren en mijn verhaal net op tijd ingezonden.

Wat ging er door je heen toen je hoorde dat je de longlist gehaald had?
Dat was tof.

Waar haalde je de inspiratie voor De draadjesjongen vandaan?
Ik had te weinig tijd om een compleet nieuw verhaal te verzinnen, dus heb ik enkele hoofdstukken uit de roman waar ik aan werk gepakt en daar een afgerond geheel van gemaakt.

Kun je een tipje van de sluier oplichten waar jouw verhaal over gaat?
Een jochie van vier is na een auto-ongeluk in het ziekenhuis beland. Met hem zelf is niet veel aan de hand, maar zijn ouders lijken er slechter aan toe te zijn. Als hij zijn moeder mag bezoeken, blijkt het leven wreder te zijn dan je een kleuter zou toewensen.

Hoe combineer je jouw baan als IT-er met het schrijverschap?
Ik reserveer een dag in de week volledig voor het schrijven. ’s Avonds en in het weekend krijg ik ook wel wat op papier. Ik heb mezelf aangeleerd om te schrijven terwijl het leven om me heen verder gaat. Een geluiddempende koptelefoon helpt heel aardig tegen kinderen die hun iPod kwijt zijn, verbouwende buren en een dementerende kat die steeds om eten mauwt.

Als ik je Google, vind ik overal informatie over jouw werk als IT’er, projectmanager en senior consultant, maar nergens iets over het schrijven. Was het voor collega’s een verrassing dat je meedeed aan de Grote Lowlands Schrijfwedstrijd?
Mijn collega’s weten dat ik fictie schrijf, een aantal van hen heeft ook mijn boek gelezen. Dus nee, heel verrast zullen ze niet zijn.

Is er een rode draad in jouw verhalen, zoals een thema waar je graag over schrijft?
Nou ja, ik heb pas één roman gepubliceerd plus een handvol korte verhalen. Ik vind het wat vroeg om al naar terugkerende thema’s te kijken. Maar ongetwijfeld zit ik vol obsessies en obscure trauma’s die als motieven opduiken in mijn verhalen. Ik denk daar niet zo over na. Schrijven is al moeilijk genoeg zonder meta-analyse op jezelf toe te passen.

Je schreef eerder het boek De beste papa van de hele wereld, maar werkte ook mee aan een boek over software development. Op welke manier verschillen die schrijfprocessen van elkaar?
Technisch gezien lijkt het op elkaar: je stelt een structuur op, je schrijft een eerste versie – die natuurlijk bar slecht is – en dan ga je herschrijven, herschrijven, herschrijven net zolang tot de tekst uitdrukt wat je denkt te willen zeggen. Met fictie is de vrijheid veel groter en dat maakt het zowel moeilijker als interessanter. Je ontrafelt de betekenis van een verhaal terwijl je het schrijft.

De Gelderlander noemde je ‘misschien wel de nieuwe Jan Wolkers’. Heb je overwogen om je baan op te zeggen en volledig voor het schrijverschap te gaan?
Ja, dat was lief van de Gelderlander, hè? Maar totale onzin natuurlijk. Jan Wolkers was uniek, zo iemand valt niet op te volgen. Leven van het schrijven klinkt romantisch, maar het levert de meeste schrijvers niet veel geld op. Het Nederlands is een klein taalgebied en de mensen kopen liever het boek dat de buurman ook kocht. De nieuwe van Dan Brown of een bundel van Youp.

Veel schrijvers verdienen de kost met een andere baan. Bordewijk was advocaat. Hermans kwam tot zijn chagrijn nooit hoger dan lector aan de universiteit van Groningen. Walter van den Berg verdient geld als freelance copywriter en webredacteur.

Veel aspirant-schrijvers denken: als je eenmaal een boek gepubliceerd hebt, ben je binnen. Is dat zo?
Nee. Je bent gewoon een van de velen die een boek gepubliceerd hebben. Verder verandert er niet zoveel. Schrijven wordt er zeker niet makkelijker van.

Veel schrijvers hebben een specifieke plek waar ze graag schrijven. Waar schrijf jij het liefst?
Ik kan overal werken. Meestal zit ik aan de eettafel. Soms buiten in de tuin. Als het thuis te druk is, ga ik wel eens naar een seats2meet.

Heb je bepaalde schrijfgewoontes, zoals vroeg in de ochtend schrijven, staand schrijven of liters koffie wegwerken voor je begint?
Ik heb geen vaste rituelen voor het schrijven. Meestal zet ik een koptelefoon op met muziek die me niet stoort, ik klap mijn laptop open en ga aan de slag. Om dialogen te schrijven, is het trouwens wel handig om alleen te zijn. Een dialoog moet je doorleven, dan helpt het om hardop pratend de scène na te spelen. Dat ziet er nogal maf uit, dus liever geen toeschouwers.

Ik maak er sowieso een gewoonte van om een tekst die bijna af is hardop voor te lezen. Dat brengt het ritme van de tekst boven, je merkt direct waar de haperingen zitten, welke woorden net niet lekker vallen. Dan kan ik zinnen schrappen waar ik even eerder nog apentrots op was.

Wat zijn je favoriete boeken?
Er is zoveel goeds, de lijst is lang en veranderlijk. Ik ben niet bang, van Niccolò Ammaniti. Paul Biegel had een prachtige taalbeheersing, De kleine kapitein is mijn favoriet. Zeitoun van Dave Eggers. Veel van Ian McEwan, met name The Child in Time en The Cement Garden. Atonement is zo perfect geschreven dat het bijna irritant wordt.

W.F. Hermans natuurlijk, met name Paranoia, maar ook Onder professoren en het onvermijdelijke Nooit meer slapen. De brieven van Van Gogh zijn bij vlagen ontroerend mooi. In Het goddelijk monster kiepert Tom Lanoye de actualiteit om als een kuip mortel en van de spetters metselt hij levensgrote personages. De Mei van Gorter blijft altijd prachtig. Het Bureau van Voskuil is een monotone dreun die je voelt tot in je botten. De helaasheid der dingen. Publieke werken. The Sisters Brothers van Patrick de Witt.

(En alles van Annie M.G. Schmidt, dus.)

Wat zijn je verdere schrijfplannen?
Ik schrijf aan een roman en tegelijk werk ik aan een handvol andere verhalen. Er valt nog veel te vertellen.

Heb je een schrijftip voor beginnende schrijvers die ervan dromen om ooit gepubliceerd te worden?
Schrijf niet met het doel om gepubliceerd te worden, maar om steeds beter te leren schrijven. Zie het als een instrument bespelen: niemand verwacht na een jaar vioolles in het Concertgebouw te mogen optreden. De beste musici zijn streng voor zichzelf: ze zijn nooit tevreden, altijd uit op een betere prestatie. Voor de beste schrijvers geldt hetzelfde.

Nieuwsgierig naar het verhaal van Eelco Rommes en de andere deelnemers? De twintig beste verhalen zijn gebundeld in dit e-book.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) studeert Communicatie in Den Haag. Ook is ze freelance copywriter en blogger. Als hoofdredacteur ziet ze in Lood een ambitieus platform om nieuwe literatuur onder de aandacht te brengen van een jong publiek. Ze schrijft voornamelijk reportages, recensies, nieuwsoverzichten en opiniestukken over literaire ontwikkelingen.

E-mail Rosalinde

Lees meer:

Hanya Yanagihara

Hanya Yanagihara bij BorderKitchen: ‘Ik wist dat mijn boek niet saai zou zijn’

Rosalinde Markus

‘Dit is je eerste bezoek aan Nederland, toch?’ vraagt interviewer Arjan Peters aan auteur Hanya Yanagihara. ‘Yes,’ antwoordt ze, ‘so don’t disappoint me.’ Het is druk in Theater aan het Spui bij het literaire programma van BorderKitchen. Iedereen is benieuwd naar de auteur achter de succesvolle roman A little life, in het Nederlands vertaald als Een klein leven.

De Jonge Schrijversavond

De Jonge Schrijversavond: een waardig afscheid

Margot de Sera

De Jonge Schrijversavond, de zevende en laatste editie van een serie energieke literaire avonden over jonge schrijvers. Het gemist, of gewoon even je geheugen opfrissen en nagenieten? Lees vooral met Lood mee.