Het Boekje Open: Lucas de Waard

30 maart 2016

92000000361349471

In Het Boekje Open geven auteurs een kijkje in het brein van een schrijver. Lucas de Waard schreef voor Theaterfestival Boulevard, GIEL (3FM), Cojones (VARA), De Wintertuin, Janke Dekker Producties en het Zuidelijk Toneel. Vorig jaar kwam zijn debuutroman De kamers uit bij De Geus. Over zijn schrijfgewoontes, toekomstplannen, en keuzes: ‘Ik moet op het moment van schrijven urgentie voelen.’

Kun je rondkomen van je schrijven?
‘Ik kan er sinds een jaar of twee, drie behoorlijk goed van leven. Toen ik afstudeerde had je nog de kunstenaarsuitkering (Wet werk en inkomen kunstenaars), waardoor een bijbaantje niet nodig was. Ik heb dat als een grote zegen ervaren, niet zozeer omdat er geen leuke bijbaantjes zijn, maar omdat het me de mogelijkheid heeft gegeven me meteen vol op het schrijven te storten.’

Wat was je geworden als je geen schrijver was? Heb jij een gemiste of gedroomde carrière?
Bestuurder van een veegwagentje. Of profvoetballer. Helaas kan ik niet voetballen. Maar dan ook echt totáál niet.

Laat je je werk lezen aan iemand voordat het af is?
‘Ik heb meerdere schrijvende collega’s die ik zeer geregeld om feedback vraag. Ik hecht daar veel waarde aan. Ik ga me al vrij snel blindstaren op een tekst. Bovendien zie ik mijn eigen vertrekpunten totaal niet als heilig. Andermans inzichten maken soms het verschil tussen ‘aardig’ en ‘goed’.’

Wie is de eerste lezer van je werk?
‘Mijn vriendin laat ik geregeld wat lezen. Zij schrijft zelf ook en is bovendien meedogenloos.’

Heb je een vaste tijd of plaats waar je schrijft?
‘Ik heb een werkplek buitenshuis. Ik vaar wel bij kantoorachtige uren. Al begin ik zelden vóór tien uur, dus dat moet je met een korrel zout nemen.’

Wat heb jij absoluut nodig om te kunnen schrijven, heb je bepaalde schrijf rituelen?
‘Niet echt, eigenlijk. Met periodes is koffie erg belangrijk, maar soms drink ik dat ook weken niet. In drukke weken, bijvoorbeeld tegen een deadline aan, moet ik af en toe kunnen gamen. Verder sport ik graag, maar dat is niet echt een ritueel. Het helpt wél.’

Hoe zou je je eigen schrijfstijl beschrijven?
‘Toegankelijk, tikkeltje duister. Ik hou van cirkels maken, ronde verhalen schrijven. Verder schuw ik pathos niet, maar relativerende humor is eveneens belangrijk voor me. Ik denk zelf dat mijn werk zich doorgaans makkelijk laat lezen of spelen.’

Voor welke schrijver heb jij bewondering?
‘Paul Auster! Hij weet menselijk drama te combineren met grote thema’s en logica te creëren binnen absurdisme. Voor elk universum dat hij schept weet hij regels te hanteren die volstrekt natuurlijk aanvoelen. Paul Auster-boeken lezen vaak als thrillers, maar het zijn grootse verhalen over menselijk falen, of hedendaagse fabels over kleine overwinningen. Lees Orakelnacht. Of zijn New York-trilogie. Beiden veranderden mijn kijk op schrijven.’

Welke schrijver zou jij wel willen zijn voor een dag?
‘Paul Auster, dus. Of Arthur Miller, had hij nog geleefd.’

Schrijf je vanuit een bepaald doel of met een specifieke reden?
‘Dat wisselt per tekst. Ik zie mezelf in de eerste plaats als verhalenverteller, als artiest, en een artiest vermaakt. Maar middels dat vermaak wil ik vragen stellen, of verontrusten, angst of hoop communiceren. Het verschilt per tekst. Soms wil ik gewoon plezier maken, of de huur kunnen betalen.’

Heb je ooit spijt gehad van iets wat je geschreven hebt? 
‘Ik heb weleens een opdracht voor het geld aangenomen waar ik inhoudelijk niet achter stond. En ook wel een aantal keer iets wat me dusdanig tegenviel, dat ik niet naar mijn kunnen gepresteerd heb. Dat vind ik dan achteraf zonde. Maar echt spijt heb ik niet snel.’

Wat is je favoriete quote? 
‘Afgelopen zomer las ik Slagschaduw van David Van Reybrouck. Dat boek staat zó vol prachtzinnen dat ik het integraal op een reeks T-shirts zou willen afdrukken.’

Heb je in je achterhoofd een gedroomd boek: een boek dat je altijd nog zou willen schrijven?
‘Niet echt, eigenlijk. Dat wil zeggen, ik moet op het moment van schrijven urgentie voelen. Die urgentie is vaak heel erg gekoppeld aan dingen die in mijn leven gaande zijn, of die me geïnspireerd hebben. Bijna altijd als ik een oud idee nieuw leven in probeer te blazen, blijkt het achterhaald.’

Wat kunnen we de komende tijd van je verwachten? Ben je bezig met een volgend boek of project?
‘Ik ben bezig met mijn tweede roman, die naar alle waarschijnlijkheid ergens in 2017 uitkomt. Ik mag veel leuke dingen met live literatuur gaan doen, en er staan wat mooie theaterprojecten op stapel. Het wordt een fijne, net iets te drukke zomer.’

Bewaren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Laurie Branderhorst

Laurie Branderhorst (1988) studeerde Engels en de master Redacteur/Editor aan de UvA. Het liefst leest ze nieuwe literatuur en interviewt ze (jonge) schrijvers hierover. Ze ziet in Lood het vernieuwende platform om literaire nieuwsgierigheid bij anderen aan te moedigen, uit te wisselen en nieuwe verbindingen te leggen.

 

 

 

E-mail Laurie

Lees meer:

Hanya Yanagihara

Hanya Yanagihara bij BorderKitchen: ‘Ik wist dat mijn boek niet saai zou zijn’

Rosalinde Markus

‘Dit is je eerste bezoek aan Nederland, toch?’ vraagt interviewer Arjan Peters aan auteur Hanya Yanagihara. ‘Yes,’ antwoordt ze, ‘so don’t disappoint me.’ Het is druk in Theater aan het Spui bij het literaire programma van BorderKitchen. Iedereen is benieuwd naar de auteur achter de succesvolle roman A little life, in het Nederlands vertaald als Een klein leven.

De Jonge Schrijversavond

De Jonge Schrijversavond: een waardig afscheid

Margot de Sera

De Jonge Schrijversavond, de zevende en laatste editie van een serie energieke literaire avonden over jonge schrijvers. Het gemist, of gewoon even je geheugen opfrissen en nagenieten? Lees vooral met Lood mee.