Het Boekje Open: Basje Bender

21 december 2015

brussel

In de rubriek Het Boekje Open geven auteurs een kijkje in het brein van een schrijver. Basje Bender studeerde rechten en Italiaans aan de Universiteit Utrecht, waarna ze naar Brussel vertrok voor een traineeship bij de Europese Commissie. Ze doet promotieonderzoek naar Europees beleid. In 2014 debuteerde ze met de roman Brussel bij Meulenhoff. Over haar schrijfgewoontes, toekomstplannen en keuzes: ‘Wanneer ik schrijf, is rationeel denken secundair. Het is meer een intuïtief proces, waarbij ik niet denk in termen van ‘doelen’ of ‘boodschappen’.’

Kun je rondkomen van je schrijven, of heb je er nog een baan naast?
‘Nee, ik kan niet zeker rondkomen van het schrijven; ik doe onderzoek aan de UvA naar Europees beleid. Zo’n proefschrift is vrij intensief, het is geen negen tot vijf baan die je op de automatische piloot kunt doen. Dus je zou eerder kunnen zeggen dat ik schrijf naast mijn baan, dan werk naast het schrijven. Maar dat is waarschijnlijk ook wel goed, als je leven helemaal bestaat uit schrijven over anderen leid je al snel een soort schaduwbestaan.’

Wat was je geworden als je geen schrijver was? Heb jij een gemiste of gedroomde carrière?
‘Achteraf gezien had ik misschien graag een toegepast creatief beroep gehad, zoals architect of vormgever. Ik vind het leuk om na te denken over vormen. Maar ik was erg slecht in exacte vakken, dus het is nooit gebeurd. Nu kan ik altijd schrijven over architecten, dus ik kan dromen wat ik wil! Dat geeft een heel vrij gevoel. Eigenlijk kan ik alles zijn.’

Laat je je werk lezen aan iemand voordat het af is?
‘Momenteel doe ik dat niet, maar mijn eerste werk heb ik laten lezen aan een vriend die ook schrijft. Hij gaf me de support die ik nodig had om het aan een uitgever te laten zien. Dat is heel eng zo’n eerste keer, dus ik ben hem daar nog steeds erg dankbaar voor.’

Waar schrijf je? Heb je een vaste tijd en/of plaats?
‘Ik heb geen vaste tijd of plaats. Belangrijk is dat ik genoeg tijd in het vooruitzicht heb (liefst een volle dag of meer) en dat er geen mensen zijn die tegen me aanpraten. Daarvan raak ik namelijk meteen uit mijn concentratie. Ik schrijf zowel graag op mijn laptop als met de hand. Eigenlijk is met de hand iets fijner, maar als ik veel gedachten heb gaat typen sneller. En met grote stukken tekst werkt het op de computer ook efficiënter.’

Hoe zou je je eigen schrijfstijl beschrijven?
‘Beschouwend, misschien zelfs een beetje dromerig. En ik ben niet zo bezig met plot. Voor mij is schrijven vooral een esthetische kwestie, waarbij de verhaallijn van ondergeschikt belang is. Sommige mensen vinden dan ook, dat er te weinig gebeurt in mijn roman. Daar kan ik ze alleen maar gelijk in geven; de spanning zit niet in de gebeurtenissen. Als je een dramatisch actieverhaal zoekt, moet je niet bij mij zijn.’

Wanneer wist je: ik ben schrijver?
‘Dat was toen ik feedback kreeg van de uitgever op de eerste versie van ‘Brussel’. Ik was een beetje zenuwachtig, want ik had -in verband met mijn werk- geen tijd om helemaal opnieuw te beginnen. En vaak hoor je dat uitgevers om veel aanpassingen vragen, zeker bij een debuut. Maar de uitgever zei alleen maar, pas dit hoofdstuk nog een beetje aan, en dit ook een beetje, en dan gaan we naar de eindredactie. Dat was een heerlijk moment, en toen dacht ik: ik kan dit gewoon.’

Voor welke schrijver heb jij bewondering?
‘Ik heb altijd veel gelezen, maar me nooit erg verdiept in de schrijver achter het boek. Dat is deels uit desinteresse, en deels bewust: hoe meer ik weet over de schrijver, hoe meer voor mij de magie verdwijnt. Zelf zou ik ook niet snel naar een signeersessie of een schrijversavond gaan. Een auteur die wel echt ‘leeft’ voor mij is Roald Dahl. Hij is zowel geweldig voor volwassenen als voor kinderen, een haast onmogelijke opgave. En daarbij erg persoonlijk. Ik denk graag dat het een heel leuke man geweest moet zijn – maar als dat niet zo was dan kom ik daar liever niet achter.’

Welke schrijver zou jij wel willen zijn voor een dag?
‘Als ik iemand anders zou mogen zijn voor een dag, zou dat geen schrijver zijn. Ik zou wel een dag een heel goede tekenaar willen zijn. Zelf teken ik ontzettend slecht, echt vreselijk, en het lijkt me een machtig gevoel dat je gewoon zomaar kunt tekenen wat je ziet, of wat je bedenkt. Dat je denkt aan een pinguïn met een muts en hop, het staat op papier.’

Schrijf je met een bepaald doel? Heb je een missie in je schrijven?
‘Wanneer ik schrijf, is rationeel denken secundair. Het is meer een intuïtief proces, waarbij ik niet denk in termen van ‘doelen’ of ‘boodschappen’. Laatst las ik een artikel over de kunstenaar die voor de ECB in Frankfurt figuurtjes op de muren tekende. Een curator legde uit, dat dit een heel sophisticated manier was om de werknemers van aan te spreken, de poppetjes spelen een intellectueel spel met de kijker, blabla. Zelf zei de kunstenaar: ‘I’ve just drawn them as they came.’ Dat is het precies: ik schrijf het gewoon zoals het komt. Het enige doel daarbij is iets maken dat voor mij mooi en gebalanceerd aanvoelt.’

Heb je ooit spijt gehad van iets wat je geschreven hebt?
‘Ja, ik heb weleens een verhaal geschreven over een jongen die me had gedumpt. Het was mijn eerste korte verhaal, en blijkbaar had ik even wat frustratie nodig om daartoe te komen. Maar uiteindelijk is het natuurlijk niet de bedoeling dat je met mensen afrekent door over ze te schrijven, hoewel dat verleidelijk kan zijn. Ik zou het nu in ieder geval niet meer doen.’

Heb je in je achterhoofd een ‘Gedroomd Boek’: een boek dat je altijd nog zou willen schrijven?
‘Mijn eerste boek gaat over iemand die alleen in het leven staat en beschrijft hoe zij de wereld ziet. Eigenlijk is dat relatief makkelijk, want je hoeft je alleen maar druk te maken over de hoofdpersoon. De rest wordt per definitie gereduceerd tot een soort figurant. Veel moeilijker, maar ook interessanter is om te schrijven over twee of meer mensen in een relatie, bijvoorbeeld in een huwelijk.’

Wat kunnen we de komende tijd van je verwachten? Ben je bezig met een volgend boek en/of project?
‘Het is echt heel lastig om dat op een geloofwaardige manier te brengen. Ik zou in een volgende roman graag meer schrijven over hoe mensen op elkaar reageren. Maar dat is wel een echte uitdaging.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Laurie Branderhorst

Laurie Branderhorst (1988) studeerde Engels en de master Redacteur/Editor aan de UvA. Het liefst leest ze nieuwe literatuur en interviewt ze (jonge) schrijvers hierover. Ze ziet in Lood het vernieuwende platform om literaire nieuwsgierigheid bij anderen aan te moedigen, uit te wisselen en nieuwe verbindingen te leggen.

 

 

 

E-mail Laurie

Lees meer:

Hanya Yanagihara

Hanya Yanagihara bij BorderKitchen: ‘Ik wist dat mijn boek niet saai zou zijn’

Rosalinde Markus

‘Dit is je eerste bezoek aan Nederland, toch?’ vraagt interviewer Arjan Peters aan auteur Hanya Yanagihara. ‘Yes,’ antwoordt ze, ‘so don’t disappoint me.’ Het is druk in Theater aan het Spui bij het literaire programma van BorderKitchen. Iedereen is benieuwd naar de auteur achter de succesvolle roman A little life, in het Nederlands vertaald als Een klein leven.

De Jonge Schrijversavond

De Jonge Schrijversavond: een waardig afscheid

Margot de Sera

De Jonge Schrijversavond, de zevende en laatste editie van een serie energieke literaire avonden over jonge schrijvers. Het gemist, of gewoon even je geheugen opfrissen en nagenieten? Lees vooral met Lood mee.