Examens in empathie

11 juni 2015

Ik las ooit in een column over de curieuze bezigheid van het onderstrepen van zinnen tijdens het lezen, want herkennen we onszelf nog in de woorden en zinnen die ooit zo treffend of belangrijk leken? Spreekt zo een jongere versie van onszelf? Degene die hierover schreef, maar wie helaas uit mijn geheugen is geglipt, vond de sentimentaliteit van zijn gemarkeerde zinnen eigenlijk afstotelijk. Ik moet hier weer aan denken als ik The Empathy Exams van Leslie Jamison opensla en allemaal potloodstrepen zie. Welke waarheden denk ik te hebben gevonden en schitteren ze kitscherig op de pagina? Ik plukte The Empathy Exams weer uit de kast, omdat Leslie Jamison vorige week in Nederland was ter promotie van de vertaling, Examens in empathie, die verscheen bij Hollands Diep. Samen met het John Adams Institute hadden zij een klein evenement georganiseerd in People’s Place in Amsterdam, waar zij sprak met Ellen de Bruin van NRC Handelsblad.

Ellen de Bruin opent de avond met een kleine inleiding over het werk van Jamison; ze heeft niet alleen essays geschreven, maar ook een goed ontvangen roman The Gin Closet. De essays van Jamison bevinden zich ergens in het schemergebied tussen fictie en journalistiek – waar Jamison zelf nog memoir en criticism aan toevoegt: ‘most [essays] are a combination of these modes of enquiry’ – en zijn volgens De Bruin geen essays in de traditionele (Nederlandse) zin van het woord. Het zijn geen stukken met een klare mening die verdedigd wordt, maar Jamison probeert telkens een nieuwe mening, een nieuwe manier van kijken die wellicht meer duidelijkheid kan scheppen over het onderwerp. Ze stelt vragen in plaats van ons te vertellen hoe de wereld in elkaar zit. Jamison ervoer een soort electricity in het essayschrijven, waarin je jongleert met wat er daadwerkelijk gebeurt en jouw eigen blik die het registreert. Je kunt niet aan de haal gaan met het verhaal, maar gelukkig denkt ze dat haar imagined version toch minder interessant zou zijn dan wat er echt plaatsvindt.

Jamison kwam zelf bij het onderwerp empathie terecht omdat zij patiënt speelde voor artsen in opleiding. Daar werd empathie iets wat gemeten kon worden en ook via een scenario kan worden overgebracht en niet alleen als een intuïtie die zich wel of niet manifesteert. Naarmate ze het verder ging onderzoeken, zag ze dat er verschillende soorten empathie zijn; het is een krachtenveld en empathie bevindt zich tussen gift en invasie, tussen intentie en intuïtie, tussen verbeelden en vragen stellen, en tussen bewering en bescheidenheid. Empathie bestaat uit tegenstellingen, ze zag het niet langer als iets dat alleen volmaakt en foutloos is, het is soms ook schadelijk, want er schuilt gevaar in het teveel verbeelden en aannemen over een persoon of een situatie. Maar daarom zegt ze ook dat alle ‘empatische daden’ inhouden dat je luistert en inleeft zonder aannames te maken.

Tijdens het gespreksgedeelte van de avond vertelt Jamison over haar essay over mensen die lijden aan Morgellons disease – ‘oh dat wat Joni Mitchell heeft!’ – een wel of niet ingebeelde ziekte waarbij mensen vezeldraadjes uit hun lichaam zien komen. Een geliefd en smeuïg onderwerp, want zijn ze nu gek of niet? Een vraag die Jamison juist angstvallig vermijdt in haar essay, want ze probeert mee te leven met hun pijn, niet per se de oorzaak daarvan gelovend, er is namelijk sowieso psychologische pijn, observeert zij. Ergens anders in Amerika vindt ze een andere groep ‘buitengewonen’ die zichzelf ook pijn doen, in de vorm van een 125 mile marathon door een onherbergzaam gebied. Gekkenwerk, in dit geval nog fascinerender omdat haar broer hieraan meedoet: ‘sometimes the same genetic material can go two very different ways.’ Het zijn voornamelijk ex-verslaafden die dagenlang willen rennen en hun lichaam aan deze buitengewone condities willen blootstellen. Jamison zegt dat het komt omdat ze tijdens hun verslaving voortdurend uit hun lichaam werden getransporteerd en nu juist, op een extreme manier, in en met hun lichaam willen bezig zijn.

Haar volgende boek zal ook gaan over verslaving, over de tweede levens van auteurs nadat ze zijn afgekickt. Over hoe zij dit verhaal overbrengen naar de lezer en vertellen over een verschuiving van ellende naar plezier. Dit soort verhalen hebben vaak een clichématige neiging, want hoe kun je nog zonder banaliteit over geluk schrijven? Jamison denkt dat nog steeds goed mogelijk is, bijvoorbeeld Raymond Carver, algemeen beschouwd als een schrijver over allerlei soorten ellende, brengt deze misère samen met – toegegeven, soms – toch een randje geluk; hij ‘doet’ sentimentality wel goed. In haar essay In defense of saccharin(e) gaat ze op zoek naar de slechte reputatie van deze sentimentaliteit, van een overdaad aan emotie. Sentimentaliteit is een beschuldiging, een sacharine versie van ‘echt’ gevoel, maar vraagt ze, is het nu een esthetische of ethische kwestie? Denken we dat we ons moeten inspannen om iets te mogen voelen? Ze citeert Oscar Wilde: ‘the luxury of an emotion without paying for it.’

Jamison schrijft dat we wellicht naar metaforen grijpen om zo een omweg naar emotie te kunnen zoeken en we denken misschien wel dat hiermee de banaliteit van ons gevoel wordt vermeden, dat we kunnen ontkennen dat we allemaal eigenlijk zoete snoepjes willen lezen. De onderstreepte zinnen zijn in mijn geval als zoete snoepjes waar ik nog niet misselijk van ben geworden, omdat ik eigenlijk weer de hele pagina ervoor en –na ben gaan lezen, omdat herlezen ook heel sentimenteel kan zijn: dit vond ik al leuk, hier lachte ik eerder ook om (nog steeds!). Om te eindigen in vragende stijl: ‘Wallace Stevens called sentimentality a “failure of feeling,” but his syntax is ambiguous: does he mean that we’ve failed our feelings or that they’ve failed us?’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Mady Beversluis

Mady Beversluis (1990) woont op dit moment in Ierland, waar ze een master Philosophy & Literature doet aan University College Dublin. Ze studeerde eerder Literatuurwetenschap en Engelse letterkunde in Amsterdam. Voor Lood schrijft ze een column en recensies over boeken die eigenlijk verplichte kost zouden moeten zijn onder een toekomstige literatuurdictatuur.

 

E-mail Mady

Lees meer:

Hanya Yanagihara

Hanya Yanagihara bij BorderKitchen: ‘Ik wist dat mijn boek niet saai zou zijn’

Rosalinde Markus

‘Dit is je eerste bezoek aan Nederland, toch?’ vraagt interviewer Arjan Peters aan auteur Hanya Yanagihara. ‘Yes,’ antwoordt ze, ‘so don’t disappoint me.’ Het is druk in Theater aan het Spui bij het literaire programma van BorderKitchen. Iedereen is benieuwd naar de auteur achter de succesvolle roman A little life, in het Nederlands vertaald als Een klein leven.

De Jonge Schrijversavond

De Jonge Schrijversavond: een waardig afscheid

Margot de Sera

De Jonge Schrijversavond, de zevende en laatste editie van een serie energieke literaire avonden over jonge schrijvers. Het gemist, of gewoon even je geheugen opfrissen en nagenieten? Lees vooral met Lood mee.