Vijf vragen over Efter van Hanna Bervoets

17 oktober 2014
Hanna Bervoets, gefotografeerd door Robin de Puy

Hanna Bervoets, gefotografeerd door Robin de Puy

 Efter, de nieuwe roman van Hanna Bervoets, speelt zich af in de nabije toekomst waar behandelklinieken voor LAD (Love Addiction Disorder) als paddenstoelen uit de grond schieten. Efter is een nieuw medicijn tegen LAD en zou de gevolgen van verliefdheid genezen. Maar Efter heeft ook andere, onvoorziene, gevolgen. LOOD stelde 5 vragen over Efter aan schrijver Hanna Bervoets.

Als het medicijn Efter zou bestaan, zou je overwegen het te gebruiken?

‘Ik weet niet of ik daar de wilskracht voor zou hebben. Wanneer ik verliefd ben kan ik dat op zich goed objectiveren, ik weet: ik ben verliefd en gedraag me daardoor anders dan normaal. Maar dat betekent niet dat ik me aan mijn staat kan onttrekken. Zoals ik tijdelijke somberheid ook goed kan objectiveren –‘ik ben somber vandaag, ooit zal ik minder somber zijn’– zonder dat ik daar minder somber van wordt.’
‘En een kenmerk van verliefdheid is nu juist dat je er vaak niet vanaf wil. Daarbij speelt mee dat verliefdheid op dit moment een positieve connotatie heeft. Zegt iemand: ik ben verliefd, dan roept zijn omgeving: wat leuk! En niet: o god, je bent ziek! In Efter is dat anders. Het boek speelt zich af in een toekomst waarin het denken over gek en normaal; ziek en gezond, is veranderd. De norm is verschoven, er heerst een nieuw paradigma. Onder invloed van de farmaceutische industrie, wetenschappelijk onderzoek en een kentering in de publieke opinie wordt verliefdheid als psychische aandoening beschouwd; een ziekte met kenmerken van verslaving en schizofrenie. Ik kan me voorstellen dat ik in die nieuwe wereld wél een pil zou innemen, omdat dat dan ‘normaal’ zou zijn. Want hoewel we onszelf graag als autonome individuen met een eigen mening zien, wordt ons denken en handelen wel degelijk voor een groot deel bepaald door de ongeschreven normen van onze samenleving. We gaan uit van wat we ‘vanzelfsprekend’ achten. Maar vanzelfsprekendheden zijn altijd cultureel en historisch bepaald en bovendien veranderlijk. Dat is een van de belangrijkste thema’s in Efter: de verhalen die we onszelf en elkaar vertellen om met onszelf en elkaar te kunnen leven. Een van die verhalen is de manier waarop we verliefdheid uitleggen. Maar dat ‘verhalen vertellen’ gebeurt in Efter op allerlei niveaus. Het motto van het boek is dan ook: ‘The World is a story we tell ourselves about the World.’’

Wie was je favoriete personage om te schrijven?

‘Ik denk Fajah, het zestienjarige meisje dat zich onder valse voorwendselen in een LAD-kliniek (afkickkliniek voor Love Addiction Disorder) laat opnemen. Dat is deels omdat zij het enige personage is dat ik volledig vanuit de ik-persoon beschrijf: ik vind dat persoonlijk makkelijker schrijven omdat je minder te maken krijgt met technische vraagstukken over focalisatie en dergelijke. Daarnaast had ik haar ‘stem’ vrij snel gevonden. Ik liet me denk ik inspireren door het dagboek dat ik zelf bijhield toen ik vijftien was. Ik was een ontevreden, ongelukkige puber, maar maakte ook kokette grapjes.’
‘Uiteindelijk vond ik het heel prettig om met zoveel personages te werken. Het gaf me de kans om het thema van Efter – de verhalen die we onszelf en elkaar vertellen – van verschillende kanten te belichten. Zo is bijna ieder personage beroepsmatig bezig met het vertellen van verhalen. Marketingman Pete vertelt pr-verhalen. Zijn vrouw Katinka, uitbater van LAD-kliniek ‘Jagthof’ vertelt haar cliënten verhalen waarmee ze zichzelf beter kunnen maken. Laura is journalist en schrijft verhalen onder de noemer waarheidsvinding, Fajah schrijft aan een nog klein publiek van volgers, Heleen heeft een bedrijf dat big data tot een verhaal smeedt, bioloog Robert doet hetzelfde met zijn wetenschappelijke onderzoeksresultaten.’
‘Maar nog belangrijker dan hun ‘professionele’ verhalen, zijn de verhalen die de personages zichzelf over zichzelf vertellen. Laura maakt zichzelf wijs dat ze een goede journalist is. Robert wil geloven dat hij succesvol is, of in ieder geval niet minder succesvol dan zijn oude studievriend Pete. Heleen kiest voor een praktisch, liefdeloos huwelijk met Robert; zegt zichzelf dat dát het beste is.’
‘Al die verhalen hebben één doel: de personages proberen zichzelf en hun omgeving ervan te overtuigen dat wat zíj doen, het juiste is.’

In Efter zijn bijna alle personages continu bezig met moderne techniek. Hoe denk je dat moderne technologie zoals smartphones en dergelijke liefdesrelaties hebben veranderd?

‘Verliefdheid is in wezen een obsessie met interpretatie. We vragen ons constant af wat die éne ander bedoelt en denkt. Wat die ander over óns denkt, en of hij of zij wel net zoveel voor ons voelt als wij voor hem of haar – in die zin is verliefdheid een nogal narcistische aangelegenheid.’
‘Voor interpretatie heb je tekens nodig. En dankzij smartphones en social media is het aantal tekens dat een geliefde ‘uitzendt’ enorm toegenomen. We interpreteren niet langer alleen wat onze geliefde direct tegen ons zegt. We interpreteren ook wat hij of zij naar ons schrijft, appt, Twittert. En, haast net zo belangrijk: we interpreteren de tekens die niet direct aan ons gericht zijn. Een simpel vinkje kan onze obsessie al voeden: wat zegt het dat onze geliefde online geweest is zonder ons berichtje te beantwoorden? Hoe moeten we die like van onze ex interpreteren? Wat doet onze geliefde op een feestje en waarom post hij of zij er een foto van wanneer hij of zij wéét dat wij die foto daardoor ook zullen zien? Wat denkt die ander dat wij denken, wat wil die ander dat wij denken, hoe hangt dit samen met zijn online gedrag: een verliefde staat, kortom, voor hele nieuwe vragen.’
‘Daarbij is het dankzij al die communicatiemogelijkheden makkelijker om verliefd te worden op iemand die je niet vaak ziet, of zelfs nooit ontmoet hebt. In tegenstelling tot de vooroordelen over internetrelaties kan dergelijk contact behoorlijk intens voelen. Wie iemand de hele dag appt, of juist iedere dag één, mooie lange mail schrijft, kan zich zeer verbonden voelen met een ander. Misschien nog wel meer dan wanneer hij die ander daadwerkelijk zou ontmoeten, omdat zijn interpretatie, zijn beeld van de ander –je zou kunnen zeggen: het sprookje over de ander – niet wordt tegengesproken of bezoedeld door diens aanwezigheid of handelen.’

In recensies wordt benadrukt hoe Efter de tijdsgeest vangt en “trendgevoelig” is. Was dit een doel tijdens het schrijven?

Efter

‘Nee. Tijdens het schrijven ben ik niet bewust bezig met het vangen van de tijdsgeest. Meestal wil ik iets onderzoeken – in dit geval wat er gebeurt wanneer ons denken over gek en gezond omslaat. Daarbij wil ik laten zien waarom mensen handelen zoals ze handelen – en misschien stiekem ook begrip kweken voor de motivaties van anderen. En ik wil ook gewoon een goed verhaal vertellen, zonder moralistisch te zijn.’
‘Ik merk dat sommige lezers Efter opvatten als een vorm van maatschappijkritiek, maar voor mij is het boek dat niet. Ik ben schrijver, geen activist. Een activist heeft één spandoek, één leus; het mooie aan schrijver zijn is nu juist dat je honderden pagina’s tot je beschikking heb om een kwestie van verschillende kanten te belichten. We leven in prachtige maatschappij, maar er zijn mensen die minder prachtige dingen doen. Hoe komt dat? Dat vind ik een interessante vraag.’
‘En ja, ik schrijf over de macht van de farmaceutische industrie, over de alomtegenwoordigheid van gadgets en over de wil ons handelen te sturen. En dat zijn dingen die op dit moment in onze maatschappij ‘leven’. Maar wie het beschrijven van die zaken alleen als kritiek op die zaken opvat, is waarschijnlijk zélf nogal kritisch over die zaken. In die zin zijn romans als de Rorschachvlekken; van die inkttekeningen die psychologen vroeger aan hun patiënten lieten zien. Of iemand een konijn dan wel bloedvlek in zo’n plaatje ziet, zou iets zeggen over zijn wereldbeeld.’
‘Eigenlijk vind ik het wel mooi, al die verschillende interpretaties. Wanneer een schrijver een roman de wereld instuurt wordt die ook van de lezers.’

Zou je een boek schrijven vergelijken met een verslaving?

‘Niet in fysiologische zin. Wel in de zin dat ik niet zonder kan. Wanneer ik niet schrijf, voel ik me slecht. Een beetje vies ook, lamlendig. Ik kan dat gevoel alleen verjagen door aan het werk te gaan. Schrijven schenkt mij bevrediging. Maar dat het ook daadwerkelijk nut heeft, dat is een van de verhalen die ik mezelf wijsmaak om ’s ochtends uit bed te kunnen komen.’

One Response to Vijf vragen over Efter van Hanna Bervoets

  1. […] Das Magazin uitgeroepen werd tot een van de belangrijkste auteurs onder de 35. Haar vierde roman Efter wordt verfilmd en bereikte de longlist van de Gouden Boekenuil en de Libris Literatuurprijs. Over […]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Michelle Playford

Michelle Playford (1992) heeft Literatuurwetenschap en Cultural Analysis gestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam. Bij Lood wil ze literatuur, in de breedste zin van het woord, onder de aandacht brengen. Daarnaast vult ze dagelijks de Twitter en Facebook van Lood met de leukste links.

E-mail Michelle

Lees meer:

Hanya Yanagihara

Hanya Yanagihara bij BorderKitchen: ‘Ik wist dat mijn boek niet saai zou zijn’

Rosalinde Markus

‘Dit is je eerste bezoek aan Nederland, toch?’ vraagt interviewer Arjan Peters aan auteur Hanya Yanagihara. ‘Yes,’ antwoordt ze, ‘so don’t disappoint me.’ Het is druk in Theater aan het Spui bij het literaire programma van BorderKitchen. Iedereen is benieuwd naar de auteur achter de succesvolle roman A little life, in het Nederlands vertaald als Een klein leven.

De Jonge Schrijversavond

De Jonge Schrijversavond: een waardig afscheid

Margot de Sera

De Jonge Schrijversavond, de zevende en laatste editie van een serie energieke literaire avonden over jonge schrijvers. Het gemist, of gewoon even je geheugen opfrissen en nagenieten? Lees vooral met Lood mee.